De drie grootste, werkgerelateerde mentale gezondheidsrisico’s hebben te maken met werkstress, werk-privébalans en werksfeer. De perceptie van werkgevers op deze risico’s is op veel vlakken vergelijkbaar: ze leiden vaak tot verzuim en hebben grote impact op de organisatie.
Uit onderzoek van GfK in opdracht van CZ blijkt dat werkstress, een ongezonde werk-privébalans en een slechte werksfeer relatief vaak voorkomen bij grootzakelijke bedrijven en in de non-profitsector (inclusief zorg). Het zijn vooral jonge (18-29 jaar) en hoger opgeleide werknemers die er veel mee te maken hebben.
De genoemde risico’s kunnen natuurlijk onderling verband houden, stress is immers soms ook gevolg van een verstoorde werk-privébalans of slechte werksfeer.. Maar wie inzoomt op de afzonderlijke gezondheidsrisico’s, ziet dat werkstress er duidelijk bovenuit steekt. Werkstress is volgens 63 procent van de werkgevers het meest voorkomende risico, heeft de hoogste impact op de organisatie (40%) en is de grootste veroorzaker van verzuim (31%). De non-profitsector, inclusief zorg, is de sector waarin werkstress veruit het vaakst voorkomt en de hoogste impact heeft. Werknemers in de leeftijdscategorie van 18 tot 29 jaar melden zich relatief vaak ziek vanwege werkstress, terwijl hoger opgeleide werknemers relatief vaak gebruikmaken van interventies.
Opvallend is de discrepantie in hoe werkgevers en werknemers de gevolgen van werkstress beoordelen. Waar 59 procent van de werkgevers antwoordt dat werkstress tot meer verzuim leidt, denkt slechts 8 procent van de werknemers er zo over. Een meerderheid van hen (53%) vindt vooral dat het tot een lagere productiviteit leidt, waar 43 procent van de werkgevers die mening is toegedaan. Dat werkstress tot hogere kosten leidt, beaamt een kwart van de werkgevers, tegen 3 procent van de werknemers.
De vijf meest gebruikte oplossingen om te voorkomen dat werknemers door werkstress uitvallen, zijn volgens werkgevers:
De vijf meest gebruikte oplossingen om medewerkers met werkstress na uitval weer aan het werk te krijgen, zijn volgens werkgevers:
Spreekuur bedrijfsarts (45%)De werk-privébalans van medewerkers is volgens werkgevers het op een na grootste gezondheidsrisico. Van de ondervraagde werkgevers geeft 56 procent aan dat dit thema speelt binnen het bedrijf. Volgens 15 procent heeft een verstoorde werk-privébalans zelfs de hoogste impact op de organisatie. Ook bij dit risico valt op dat werkgevers en werknemers de gevolgen van een verstoorde werk-privébalans anders beoordelen. Volgens 62 procent van de werkgevers leidt dit tot meer verzuim, tegen 10 procent van de werknemers.
Een ongezonde werk-privébalans komt het vaakst voor bij werknemers in de non-profitsector (inclusief zorg), bij 18- tot 29-jarigen en bij hoger opgeleide medewerkers. Een ongezonde werk-privébalans heeft de grootste impact bij 30- tot 39-jarige werknemers, werknemers in de zakelijke dienstverlening en bij hoger opgeleiden.
De vijf meest gebruikte oplossingen om te voorkomen dat werknemers door een ongezonde werkprivébalans uitvallen, zijn volgens werkgevers:
De vijf meest gebruikte oplossingen om medewerkers met een ongezonde werk-privébalans weer aan het werk te krijgen, zijn volgens werkgevers:
Spreekuur bedrijfsarts (37%)Lees ook: De 5 meest ingezette interventies in gezondheidsmanagement
Een slechte werksfeer is het derde gezondheidsrisico in bedrijven en organisaties. Volgens 39 van de werkgevers is dit risico aan de orde binnen het bedrijf. Meer verzuim (45%), lagere productiviteit (45%) en hogere kosten (31%) zijn gevolgen van een slechte werksfeer, aldus de ondervraagde werkgevers. Wat hier vooral opvalt, is dat meer leidinggevenden (63%) van mening zijn dat een slechte werksfeer tot lagere productiviteit leidt.
Ten opzichte van werkstress en een ongezonde werk-privébalans zijn er voor het tegengaan van een slechte werksfeer meer passende interventies beschikbaar, aldus werkgevers. Van degenen die interventies aanbieden op dit gebied (20%), geeft 71 procent aan dat er passende interventies beschikbaar zijn. Ter vergelijking: bij werkstress en werk-privébalans betreft dit respectievelijk 62 en 59 procent.
Een slechte werksfeer komt vaker voor bij grootzakelijk dan bij het MKB. Het speelt relatief vaak binnen non-profit (inclusief zorg), al is de werksfeer daar wel het beste bespreekbaar. Jonge (18 tot 29 jaar) en hoog opgeleide werknemers hebben relatief vaak last van een slechte werksfeer. Leidinggevenden van kleinere teams ervaren iets vaker problemen met de werksfeer dan leidinggevenden van grotere teams.
De vijf meest gebruikte oplossingen om te voorkomen dat werknemers door een slechte werksfeer uitvallen, zijn volgens werkgevers:
Opvallend hierbij is dat leidinggevenden coaching veel vaker (74%) als oplossing noemen en het gesprek met een preventiemedewerker juist minder vaak (22%) dan werkgevers.
De vijf meest gebruikte oplossingen om medewerkers na uitval door een slechte werksfeer weer aan het werk te krijgen, zijn volgens werkgevers:
Onderzoeksbureau GfK ondervroeg werkgevers ook naar de belangrijkste middelen om inzicht te krijgen in gezondheidsrisico’s. De helft noemde hierbij ‘gesprekken met werknemers’, gevolgd door risico-inventarisatie (45%) en verzuimanalyse (42%).
Tot stand gekomen in samenwerking met CZ.